ezelsoor

onzijdig (het)/ˈezəlsˌor/

Wat is de betekenis van ezelsoor?

ezelsoor betekent: oor van een ezel

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. oor van een ezel
  2. omgevouwen hoek van een bladzijde
  3. persoon (persoon) dom persoon, domoor
  4. plantkunde (plantkunde) benaming voor , een grijsgroene plantensoort

Voorbeelden van "ezelsoor" in een zin

  • Hij heeft een ezelsoor gevouwen als herinnering bij de pagina waar hij was met lezen.
  • Met leren banden worden de kaften nu beschermd. "De boeken waar een wit briefje uitsteekt moeten nog gerepareerd worden, nog 556 stuks" vertelt Rosenberg, druk rondlopend van kast naar kast. Ezelsoren gladstrijken doet het personeel van de bibliotheek zelf. De ingewikkelde reparaties worden uitbesteed aan een atelier.NRC Lotte de Wit 30 oktober 2004

Etymologie

**[2] van "Eselsohr", in de betekenis van ‘omgevouwen hoek’ voor het eerst aangetroffen in 1766

Vertalingen

Engelsass's ear, donkey's ear, dog-ear
Fransoreille d'âne, corne
DuitsEselsohr, Eselsohr
Spaansoreja de asno, doblez
Italiaansorecchia d'asino, orecchia
Russischослиное ухо
Zweedshundöra