farmaceutica

meervoud

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch, farmacologie (medisch) (farmacologie) chemicaliën die men gebruikt als geneesmiddel
    Nederland exporteert vooral veel brandstof. De buurlanden zijn sterk in andere producten. Zo exporteert Duitsland machines en transportmiddelen en België farmaceutica, drank, tabak en ertsen.
    Op vier gebieden wordt nu de stap gemaakt naar industrieel printen: voedsel, farmaceutica, 3D-elektronica en reserveonderdelen. Bij de onderdelen loopt Nederland voorop, volgens Meinders.

Etymologie

* uit het Latijn