woorden
boek
Start
›
F
›
fietswiel
fietswiel
onzijdig (het)
/ˈfitswil/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
een wiel van een fiets
Fietswiel aan de ketting, de rest is natuurlijk gejat.
Verwante woorden
fieteldans
Fieten
Fietje
fiets
fietsaandeel
fietsaccessoires
fietsactie
fietsactiviteit
fietsafdeling
fietsafstand
fietsafstanden
fietsaftrek
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← fietswerkplaats
fietswielen →