Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
finaleweek
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- week waarin de finale van een wedstrijd plaatsvindtOok Bart Hollanders schrok zichtbaar na de mededeling dat hij nog eens moest terugkomen tijdens de finaleweken.KroatiΓ« won vorig jaar de oude variant van de Daviscup door Frankrijk in de finale te verslaan. Na die editie ging het toernooi op de schop en werd besloten het toernooi af te sluiten met een finaleweek voor achttien landen.
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek