futurist

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand die zich waagt aan toekomstvoorspellingen
    In de jaren ’30 of begin jaren ’40 van de 21e eeuw verwacht de futurist dat het menselijk denken vooral non-biologisch zal plaatsvinden. Bovendien moeten mensen dan in staat zijn een volledige back-up van het brein te maken. [http://www.nu.nl/internet/4062500/google-futurist-voorspelt-hybride-brein-met-cloudverbinding-in-2030.html www.nu.nl]
  2. kunst (kunst) aanhanger van het futurisme

Etymologie

*afgeleid van het Latijnse futūrus