Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
fittie
mannelijk (de)/ΛfΙͺti/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (informeel) felle onenigheidHet was een wedstrijdje pik opmeten, met gesloten gulp. (β¦) Hoe ik tegen de fittie aankeek? In het weekend liep ik in het centrum van Rotterdam langs een muurschildering met schrijver Multatuli erop. Daaronder stond: βVan de maan af gezien zijn we allen even groot.βMaar Kagame kreeg hulp in de (zoals dat zo mooi heet op straat en op Twitter) fittie.
Etymologie
*via straattaal van "feti"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek