fransijn

onzijdig (het)/frɑnˈsɛin/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. verouderd (verouderd) dunne, bewerkte dierenhuid als materiaal om op te schrijven
  2. verouderd (verouderd) stuk dunne, bewerkte dierenhuid gebruikt als schrijfmateriaal of als patroon bij kantwerk

Etymologie

*via Middelnederlands "francijn" van middeleeuws Latijn "francenum", van "Francia", dus: "het Franse (spul)", omdat dit perkament in het begin uit Frankrijk werd ingevoerd