frikandel

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˌfrikɑnˈdɛl/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding (voeding) een langwerpige, donkergekleurde worst die warm gefrituurd wordt gegeten
    Geef mij maar een frikandel speciaal met patat.
    Op Twitter ging het flink los na de uitzending over de zwangere Ashley (18) die haar baby frietjes en frikandellen wilde voorschotelen. 'Wat een tokkies', reageert iemand. 'Als je denkt dat het niet erger kan', schrijft iemand anders. Het ging over de vele honden en over het gerook van de aanstaande moeder en Ashley's zus en moeder. Tubantia Ellen den Hollander 14-03-18 [https://www.tubantia.nl/koken-en-eten/nee-een-baby-mag-echt-nog-geen-patat-en-ook-geen-frikandel~ad528800/ Nee, een baby mag echt nog geen patat (en ook geen frikandel)]

Etymologie

*waarschijnlijk een verbastering van frikadel, mogelijk door contaminatie van fricandeau

Vertalingen

Spaansfrikandel, salchicha frita