Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

fruitbelevingscentrum

onzijdig (het)/ˈfrœydbəˌlevɪŋˌsɛntrʏm/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. attractie waar de bezoeker op een aanschouwelijke manier wat meer over de fruitteelt kan leren
    De Stroomstroopfabriek moet op termijn uitgroeien tot een fruitbelevingscentrum voor Haspengouw. Aan de herinrichting van het vervallen complex hangt een prijskaartje van zes miljoen euro. De Standaard 30 januari 2007 Stef Telen [http://www.standaard.be/cnt/gd717k0cf "Sympathiekste monument"]
    De zesde generatie van de gebroeders Bleus maakt nu opnieuw stroop in de ambachtelijke stokerij, net zoals in de 19de eeuw. "De plannen omvatten ook de uitbouw van een fruitbelevingscentrum, want fruit en stroop zijn vergroeid in deze regio en daarom is het belangrijk dat we het erfgoed voor de toekomst bewaren", zei minister Van Mechelen. De Standaard 13 april 2009 avb [http://www.standaard.be/cnt/dmf20090413_033 Van Mechelen geeft cadeautje van 300.000 euro aan stoomstroopfabriek]
    Floor Peters van het Nationaal Fruitpark in Ochten staat positief tegenover een Fruitbelevingscentrum in Rivierenland. Het Neerijnse college sprak zich daar onlangs positief over uit, hoewel er meer gemeenten in de regio zijn die wel heil zien in een dergelijke attractie. De Gelderlander 31 mei 2011 [https://www.gelderlander.nl/rivierenland/fruitbelevingscentrum-gunstig-voor-iedereen~a9634fdf/ Fruitbelevingscentrum gunstig voor iedereen]

Etymologie

* en centrum