Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

gadotyo

mannelijk/vrouwelijk (de)/ɡaˈdoco/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. zangvogels (zangvogels) bepaald soort vogel, , uit de familie winterkoningen
    Ook de rust van gadotyo, grietjebie, blauwtje en andere vogeltjes is wreed verstoord. Tenminste, ik denk die onrust in hun zang of eigenlijk klaagzang te horen.

Etymologie

*van "gadotyo"

Vertalingen

Engelshouse wren