gedragen

/ɣəˈdraɣə(n)/

Betekenis

werkwoord
  1. refl (refl) zich ~: de manieren die iemand meest in de omgang met anderen aan de dag legt
    Hij weet zich niet te gedragen.
    ' 'Ik moet me gedragen?' 'Ga Teresa halen ' Olive ging naar boven, maar Teresa was nergens te bekennen.
    Ze gedroegen zich in ieder geval alsof ze hier al weken bivakkeerden.

Etymologie

*afgeleid van dragen

Vertalingen

Engelsbehave
Fransconduire, comporter
Duitssich benehmen, sich verhalten
Spaanscomportarse
Zweedsagera