gegil
onzijdig (het)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- gekrijs, geschreeuw, lawaai met een hoge toonHet gegil van de sirene ging door merg en been.Het gegil van de kleuters maakte geen indruk op de kleuterjuf.Weer werd er geschoten, ditmaal vergezeld door luid gegil.
Etymologie
* van gillen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek