geheugen
onzijdig (het)/ɣəˈhøɣə(n)/
Wat is de betekenis van geheugen?
geheugen betekent: het deel van de hersenen waarin herinneringen worden opgeslagen
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het deel van de hersenen waarin herinneringen worden opgeslagen
- (informatica) snel toegankelijke plaats om data op te slaan waarin programma's worden opgeslagen die uitgevoerd worden
Voorbeelden van "geheugen" in een zin
- Hij had niet zo'n goed geheugen, maar wist nog net dat hij een afspraak had.
- ` Mijn geheugen is niet zo erg goed meer,' zei de Slabber. 'Kwallen onthouden niet zo goed.' {{Aut|Herzen, Frank
- Jij en Isaac zitten als een houtsnede in mijn geheugen gegrift.
- Het geheugen was bijna allemaal in gebruik, dus ging de computer niet gebruikte delen naar schijf wegschrijven.
Etymologie
* van heugen
Vertalingen
Engelsmemory, memory
Fransmémoire
DuitsGedächtnis, Speicher
Spaansmemoria, memoria
Japans記憶, きおく, kioku
Poolspamięć, pamięć
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek