geldgod

mannelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. geld als een goddelijk wezen gezien
    Ik leef echt mee met de inwoners van deze provincie, die hier een eigen huis bewonen en daar hun geld in hebben gestoken en het gaandeweg zien vervallen. En dan heb ik het nog niet over de rijksmonumenten die blijkbaar ineens mogen vervallen tot puin om wille van de mammon oftewel de geldgod.