gelui

onzijdig (het)/ɣəˈlœy/

Wat is de betekenis van gelui?

gelui betekent: laten klinken van een torenklok of bel

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. laten klinken van een torenklok of bel
  2. bouwkunde (bouwkunde) geheel van luidklokken zoals dat in een toren is geïnstalleerd
  3. bouwkunde (bouwkunde) hijsinstallatie in een windmolen

Voorbeelden van "gelui" in een zin

  • Als hij buiten speelde, werd hij naar binnen geroepen door het gelui van een bel.
  • Ze konden niet tegen het gelui van de klokken.
  • In 1505 giet hij het beroemde, nog steeds grotendeels bestaande gelui van de Utrechtse Domtoren.

Etymologie

*afgeleid van luien

Vertalingen

Engelstolling