gemelijk

Wat is de betekenis van gemelijk?

gemelijk betekent: slecht van humeur, niet vriendelijk gestemd, knorrig, misnoegd, slechtgehumeurd

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. slecht van humeur, niet vriendelijk gestemd, knorrig, misnoegd, slechtgehumeurd

Voorbeelden van "gemelijk" in een zin

  • Hij was in de gemelijkste bui in jaren.

Veelgestelde vragen over gemelijk

Wat is de betekenis van gemelijk?

gemelijk betekent: slecht van humeur, niet vriendelijk gestemd, knorrig, misnoegd, slechtgehumeurd

Hoe gebruik je gemelijk in een zin?

Voorbeeld: “Hij was in de gemelijkste bui in jaren.

Etymologie

In de betekenis van ‘misnoegd’ voor het eerst aangetroffen in 1447

Vertalingen

Engelsmorose, peevish, fretful, sullen
Spaansmohíno