genadeloosheid
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- het genadeloos zijnDe genadeloosheid van de wrede misdadiger brak hem op toen hij zelf vergeving nodig had.
Etymologie
* afgeleid van genadeloos
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek
* afgeleid van genadeloos