geroddel

onzijdig (het)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. aan houdend roddelen en kwaadspreken
    Hier ben ik! Overlaad me maar opnieuw met al uw klachten, uw geroddel. Uw verdachten, uw verwijten, uw betichten. De argumenten die uw zaak moeten verzachten en uw straf moeten verlichten. Geef hier, mon Dieu! Ik stel me voor ze open, allemaal. Ik neem ze aan en neem ze au sérieux. NRC Tom Lanoye 16 december 2016

Etymologie

* van roddelen