woorden
boek
Start
›
G
›
gezwatel
gezwatel
onzijdig (het)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
voortdurend zeuren
voortdurend lawaai maken
Etymologie
* van zwatelen
Synoniemen
geëmmer
ge-o-ha
geleuter
gezeur
gezeik
gemelk
gemeier
gejammer
geruis
Bron:
OpenTaal
&
WikiWoordenboek
← gezwartepiet
gezwateld →