glaspui
mannelijk/vrouwelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een gevel van glas; een raam van de vloer tot aan het plafondEn daar zit je dan, als mens, in je doorzonwoning met zo’n grote glaspui op het zuiden, terwijl de zon niet schijnt en alles erop wijst dat je je stukken beter zou voelen bij een haardvuurtje en het schaarse licht van een paar kaarsen. Of, zoals Dekkers de zaak kernachtig samenvat: “Hoe groter de heide, hoe kleiner het hutje waar we naar verlangen.” HP de Tijd EMMA BRUNT 25 DEC 2015 [https://www.hpdetijd.nl/2015-12-25/als-u-nog-geen-winterdip-had-dan-krijgt-u-m-in-de-keuken-wel/ Als u nog geen winterdip had, dan krijgt u ‘m in de keuken wel]Dat gaat veranderen. Het gemeentebestuur is akkoord met een plan waarbij vrijwel de hele begane grond van het stadhuis wordt omgebouwd tot één ruimte. Een open markthal, met een grote entree en openschuivende glaspuien aan de kant van het plein. Het Parool LEX BOON 16 JUNI 2016 [https://www.parool.nl/amsterdam/de-stopera-wordt-een-grote-markthal~a4321576/ De Stopera wordt een grote markthal]De politie zoekt getuigen van een ramkraak op een pinautomaat aan de Dasstraat. Omwonenden hoorden zaterdagmorgen, vroeg omstreeks 5 uur een aantal harde knallen bij de winkel Primera. Agenten die ter plaatse kwamen, zagen dat de glaspui was vernield doordat een auto de pui had geramd. Ze vonden een bumper van een zwarte Renault Espace. Reformatorisch Dagblad 08-03-2010 [https://www.rd.nl/vandaag/binnenland/ramkraak-op-pinautomaat-1.155585 Ramkraak op pinautomaat]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek