goeddunken
Wat is de betekenis van goeddunken?
goeddunken betekent: (intr) met meewerkend voorwerp (verouderd) als juist en gepast voorkomen
Betekenis
- (intr) met meewerkend voorwerp (verouderd) als juist en gepast voorkomen
- wat iemand als gepast voorkomt
Voorbeelden van "goeddunken" in een zin
- Het docht hem goed dit niet al te ernstig op te nemen.
- Je kunt dat niet zo maar naar eigen goeddunken wijzigen.
Betekenis en uitleg van goeddunken
Het woord 'goeddunken' verwijst naar het nemen van een beslissing op basis van eigen inzicht of voorkeur. Het suggereert een zekere vrijheid om te bepalen wat je juist of gepast vindt in een bepaalde situatie.
Je gebruikt 'goeddunken' vaak wanneer iemand de vrijheid heeft om zelf een keuze te maken, bijvoorbeeld in een zakelijke of persoonlijke context. Het kan ook een nuance van willekeurigheid of persoonlijke voorkeur meedragen, wat het woord een informele toon geeft. Het benadrukt dat de beslissing niet per se objectief of vastliggend is, maar eerder subjectief en afhankelijk van de situatie en de persoon.
Voorbeelden
- De manager besloot, naar eigen goeddunken, de deadline met een week te verlengen.
- Hij koos zijn vakantiebestemming naar goeddunken, zonder zich te laten leiden door populaire reisgidsen.
- Zij heeft de vrijheid om haar werktijden naar goeddunken in te vullen, zolang het werk maar op tijd af is.
Woordoorsprong
Het woord 'goeddunken' is samengesteld uit 'goed' en 'dunken', waarbij 'dunken' verwijst naar het denken of menen. Het benadrukt de persoonlijke beoordeling van wat goed is in een bepaalde situatie.
Veelgestelde vragen over goeddunken
Wat is de betekenis van goeddunken?
goeddunken betekent: (intr) met meewerkend voorwerp (verouderd) als juist en gepast voorkomen
Hoeveel betekenissen heeft goeddunken?
goeddunken heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft goeddunken?
goeddunken is een onzijdig (het).
Wat zijn synoniemen van goeddunken?
Synoniemen van goeddunken zijn: welgevallen, welbehagen, goedvinden.
Hoe gebruik je goeddunken in een zin?
Voorbeeld: “Het docht hem goed dit niet al te ernstig op te nemen.”