grasvlakte

vrouwelijk (de)/ˈɣrɑsflɑktə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. een groot stuk land dat met gras is begroeid
    Op een van de grasvlakten buiten het dorp staan prachtige wilde bloemen.

Vertalingen

Engelsgrassy plain
Fransplaine herbeuse
DuitsGrasfläche
Spaanspradera