grijpstuiver

mannelijk (de)/ˈɣrɛipstœyvər/

Wat is de betekenis van grijpstuiver?

grijpstuiver betekent: onbeduidend bedrag

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. onbeduidend bedrag
  2. verouderd (verouderd) iemand die zich met kleine bedragen uit moreel twijfelachtig gedrag probeert te verrijken

Voorbeelden van "grijpstuiver" in een zin

  • Hij verdiende er een grijpstuiver aan en had er veel kommer van.
  • Corbyn had ook kritiek op premier May, die afgelopen jaren bezuinigde op het politieapparaat. "Je kunt burgers niet beschermen voor een grijpstuiver", aldus de Labour-leider.
  • {{ouds
  • {{ouds

Etymologie

* , als leenvertaling van "grippe-sou", oorspronkelijk iemand die voor een kleine vergoeding voor obligatiehouders de te ontvangen rentebedragen ophaalde, later misprijzend gebruikt in de betekenis "sjacheraar", in deze betekenis aangetroffen vanaf 1761 als spottende bijnaam en in de betekenis "onbeduidend bedrag" vanaf 1893 (zie vindplaats hieronder); deze tweede betekenis kan ook worden opgevat als , wat dan verwijst naar het muntje met een afbeelding van een "grijp" (‘griffioen’) erop.