hachee
/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (voeding) een traditioneel, typisch Nederlands stoofgerecht op basis van blokjes vlees, vis of gevogelte, en groentenVandaag eet ik hachee met rodekool en aardappelen.
Etymologie
* Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘gerecht met vlees en kruiden’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1778
Vertalingen
Engelshachee
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek