hadden

/ˈhɑ.də(n)/

Wat is de betekenis van hadden?

hadden betekent: meervoud verleden tijd van hebben

Betekenis

werkwoord
  1. woorden met artikelreferenties, woorden met boekreferenties meervoud verleden tijd van hebben

Voorbeelden van "hadden" in een zin

  • Wij hadden.
  • Jullie hadden.

Betekenis en uitleg van hadden

Het woord 'hadden' is de verleden tijd van het werkwoord 'hebben'. Het wordt gebruikt om aan te geven dat iemand of iets in het verleden iets bezat of een bepaalde toestand had.

Je gebruikt 'hadden' vaak om te verwijzen naar situaties of gebeurtenissen die in het verleden plaatsvonden. Het kan ook een gevoel van spijt of gemis oproepen, bijvoorbeeld wanneer je terugkijkt op iets dat je eens had. Dit woord komt vaak voor in verhalen, herinneringen en gesprekken over het verleden.

Voorbeelden

  • Toen we klein waren, hadden we altijd plezier in de speeltuin.
  • Ze hadden geen idee dat het zo hard ging regenen tijdens hun wandeling.
  • Vroeger hadden we een hond die ons altijd volgde als we naar school gingen.

Woordoorsprong

'Hadden' is afgeleid van het oude Nederlands 'habben', dat verwant is aan het Duitse 'haben' en het Engelse 'have'.

Veelgestelde vragen over hadden

Wat is de betekenis van hadden?

hadden betekent: meervoud verleden tijd van hebben

Hoe gebruik je hadden in een zin?

Voorbeeld: “Wij hadden.