harten
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈhɑrtə(n)/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (kaartspel) een kleursoort in het kaartspelIk had maar een paar kleine hartentjes voor je, partner; daarom heb ik gepast.
Etymologie
*"hart" met de uitgang -en
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek