hartsterking

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iets dat geacht wordt het hart te versterken of te verkwikken
  2. een alcoholische versnapering
    'Je weet waar het staat,' zei hij fluisterig: 'voor acht centjes, je weet wel,' hij telde ze meteen in Jaap's uitgestoken hand en zei: 'ik mag wel een kleine hartsterking hebben voor het achterpaneel.