Heel

/heːl/

Wat is de betekenis van Heel?

Heel betekent: niet stuk, niet gebroken

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. niet stuk, niet gebroken
  2. woorden met boekreferenties zonder uitzondering, in alle delen
bijwoord
  1. woorden met artikelreferenties, woorden met boekreferenties in hoge mate
werkwoord
  1. eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van helen
  2. gebiedende wijs van helen
  3. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van helen

Voorbeelden van "Heel" in een zin

  • De vaas was gevallen maar toch heel gebleven.
  • Dat is in de hele wereld het geval.
  • Het meisje is heel mooi.
  • De hele jonge kinderen kunnen beter thuisblijven
  • Ik heel.

Etymologie

In de betekenis van ‘ongeschonden, volledig’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1220

Vertalingen

Duitsganz
Engelswhole
nohel
nnhel
Spaansintacto, entero, completo