heer
onzijdig (het)/her/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (m) manDames en heren, van harte welkom op dit galaconcert.'Laat ik nu dan maar eens gaan horen wat de eerbiedwaardige heer Reede me te vertellen heeft.Het is buiten de kwelzucht van de parcoursbouwers gerekend. Hier lag de afgelopen drie keer de eindstreep, maar verderop hebben ze een onverhard pad laten aanleggen. Nog wat verder omhoog, heren!
- (m) deftige, aanzienlijke persoon van het mannelijk geslacht; iemand met veel sociale status
- (m) belangrijke mannelijke persoonDe hoge heren hebben besloten dat er 100 mensen ontslagen moeten worden.Natuurlijk hebben noch ik noch de heren in lange jurken enig idee wat waar is en wat niet, maar je moet tenslotte toch ergens in geloven. Ik zal er wellicht heel anders over denken over tien jaar tijd. Ik blijf zoeken.
- (m) welgemanierd persoon, "gentleman"
- (m) heerserHaar bruidegom is een rijke Amsterdammer, een man met macht, heer over de zee en al haar rijkdommen.
- (m) persoon in wiens dienst men staat, meester, baas
- (m) bezitter van een heerlijkheid
- (m) houder van zekere adellijke titel
- (m) aanspreektitel voor mannelijke personen
- (m) (kaartspel) een van de vaste kaarten, waarvan de waarde meestal tussen die van vrouw en aas in ligt
zelfstandig naamwoord
- (verouderd) (militair) (onveranderlijk); "leger"
Etymologie
*[B] (erfwoord): Van Middelnederlands *heri, Proto-Germaans *harja-. In de betekenis van ‘leger’ voor het eerst aangetroffen in 850.
Uitdrukkingen
- De Heer kastijdt dien Hij liefheeft — schrale troost voor degene die extreem beproefd wordt [https://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_1105.phpv1090 www.dbnl.org]
- Een halfblanks heer — iemand, die eigenlijk geen heer is, geen echte heer [https://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_0786.phpv780 www.dbnl.org]
- Kinderen zijn een zegen des Heren — Stoett-1144 [https://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_1160.phpv1144 www.dbnl.org]
- Langs 's heren straten ( of wegen) Lopen — langs den openbaren weg, op straat lopen, rondslenteren [https://www.dbnl.org/tekst/stoe002nede01_01/stoe002nede01_01_0883.phpv874 www.dbnl.org]
- Met grote heren is het kwaad kersen eten — tegen hoge heren leg je het meestal af
- Niemand kan twee heren dienen — twee dingen tegelijk doen gaat niet
- Onze Lieve Heer heeft rare kostgangers — op de wereld lopen er allerlei merkwaardige mensen rond
- Strenge heren regeren niet lang — wanneer een baas niet een beetje soepel is wordt het voor hem erg moeilijk
Vertalingen
Engelsgentleman, lord, Sir
FransMonsieur
DuitsHerr
Spaansseñor, caballero, gentilhombre
Poolspan
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek