heilwens

mannelijk (de)/ˈhɛilwɛns/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. iemand het beste toewensen voor de toekomst
    Aan de avonddis van zaterdag drinkt het marinepersoneel voor het eerst op 'onze families'. Die avond sneuvelt niet alleen de formele heilwens op de 'echtgenotes en schatjes', maar onvermijdelijk ook de boertige kwinkslag die daar van oudsher op volgt: 'Dat zij elkaar maar nooit zullen ontmoeten!'. Tubantia 22-06-13 [https://www.tubantia.nl/buitenland/vrouwonvriendelijke-toost-afgeschaft-bij-britse-marine~ab189f1c/ rouwonvriendelijke toost afgeschaft bij Britse marine]
    De officiële opening was bijzonder. Mr. Pieter van Vollenhoven had speciaal voor deze gelegenheid een heilwens in het dialect van de Ayacucho Indianen ingestudeerd. Bovendien doopte hij de bootjes met bronwater dat door KLM uit Peru was ingevlogen. De Telegraaf PIM BRUGMAN 08 nov. 2012 [https://www.telegraaf.nl/nieuws/1229058/de-macht-van-de-woeste-pirana De macht van de woeste Piraña...]

Vertalingen

Engelsbenediction, blessing