heit

Wat is de betekenis van heit?

heit betekent: tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van heien

Betekenis

werkwoord
  1. tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van heien
  2. derde persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van heien
  3. verouderd_in_het_nederlands gebiedende wijs meervoud van heien

Voorbeelden van "heit" in een zin

  • Jij heit.
  • Hij heit.
  • Heit!