helft

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈhɛlᵊft/

Wat is de betekenis van helft?

helft betekent: elk van twee gelijke delen

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. elk van twee gelijke delen
  2. wiskunde (wiskunde) fractie, voorgesteld door 1/2

Voorbeelden van "helft" in een zin

  • Eindelijk kwamen we doodmoe maar opgelucht in het dal aan. Meteen liep ik naar mijn tent die onder het gewicht van de sneeuw voor de helft bleek te zijn ingestort.
  • Het ritme van het lopen met soms wel 70.000 stappen per dag vormde een innerlijke kadans, waarvan sommige wetenschappers beweren dat er op deze manier een inventieve samenwerking ontstaat tussen de twee helften van je brein.
  • Thea scheurt de zwoerd in tweeën en laat de helft op de grond vallen voor Lucas.

Betekenis en uitleg van helft

Het woord 'helft' verwijst naar één van de twee gelijke delen waaruit iets is verdeeld. Je kunt denken aan een taart die in twee stukken is gesneden, waarbij elk stuk een helft is.

Je gebruikt 'helft' vaak wanneer je iets in twee gelijke delen wilt beschrijven, zoals in gesprekken over tijd, ruimte of objecten. Het kan ook in abstracte zin worden gebruikt, bijvoorbeeld als je het hebt over de helft van een project of een idee. Het woord kan een gevoel van evenwicht of gelijkheid oproepen, maar ook een indicatie zijn dat er nog meer te doen is.

Voorbeelden

  • Na het feest was de helft van de taart nog over.
  • Ik ben op de helft van mijn boek; het is spannend!
  • De helft van de deelnemers aan het evenement kwam uit het buitenland.

Woordoorsprong

Het woord 'helft' komt van het Oudnederlands 'halfta', wat verwijst naar het deel of de zijde van iets.

Veelgestelde vragen over helft

Wat is de betekenis van helft?

helft betekent: elk van twee gelijke delen

Hoeveel betekenissen heeft helft?

helft heeft 2 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.

Welk woordgeslacht heeft helft?

helft is een mannelijk/vrouwelijk (de).

Hoe gebruik je helft in een zin?

Voorbeeld: “Eindelijk kwamen we doodmoe maar opgelucht in het dal aan. Meteen liep ik naar mijn tent die onder het gewicht van de sneeuw voor de helft bleek te zijn ingestort.

Etymologie

*van Middelnederlands """ of "helefd", afgeleid van half met ablaut, in de betekenis van ‘elk der beide gelijke delen waarin iets verdeeld is’ voor het eerst aangetroffen in 1236

Vertalingen

Engelshalf
Fransmoitié
DuitsHälfte
Spaansmitad
Italiaansmetà
Portugeesmetade
Russischполовина
Chinees
Japans半分
Koreaans
Turksbuçuk
Poolspołowa
Zweedshälft
Deenshalvdel