hemeling
mannelijk (de)
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- wezen dat in de hemel woontDe reden van deze tranen van Jezus was het gezicht op Jeruzalem. Het gezicht van de vrede deed deze Hemeling schreien en tranen storten.
- iemand die voorbestemd is om naar de hemel te gaan
Etymologie
* van hemelen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek