herhaalbaarheid

vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. de mate waarin men dezelfde onderzoeksresultaten behaalt als men een onderzoek herhaalt
  2. de mate waarin men met een bepaalde bepaalde procedure onder vergelijkbare omstandigheden weer dezelfde resultaten behaalt als men dezelfde procedure weer uitvoert

Etymologie

*afleiding van herhaalbaar