hersenschade

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˈhɛrsə(n)ˌsxadə/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. medisch (medisch) letsel van het brein
    In het begin ging Van de Beek vaak langs bij zijn vriend, die in een staat van laag bewustzijn in een bed ligt na de ernstige hersenschade die hij opliep door zuurstoftekort als gevolg van een hartstilstand.