hieperdepiep

/ˈhipərdəˌpip/

Betekenis

tussenwerpsel
  1. juichkreet
    Of de poppen naar de Kneuter luisteren of naar Joosje, dat weet niemand, maar als ’t stukje uit is, zijn ze allemaal tevreden en dan zingen ze nog een daverende hoera met een hieperdepiep voor Joosje en dan is het welletjes geweest.

Etymologie

*(intensiverende) , soms gebruikt als vervanging van "hiep, hiep, hiep" voor een versterkte vorm van hiep, hiep, hoera!, in deze betekenis aangetroffen vanaf 1947 (zie vindplaats hieronder)