hispanic

mannelijk (de)/hɪsˈpɛnɪk/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. demoniem (demoniem) bewoner van de Verenigde Staten die roots heeft in Midden- en Zuid-Amerika
    De jury bestaat nu uit acht zwarten, drie blanken en één hispanic.

Etymologie

*van "Hispanic", zelfstandig gebruikt als verkorting van "Hispanic American" "afkomstig van of betrekking hebbend op Spaans sprekende landen in Zuid- en Midden-Amerika"