hoed
Wat is de betekenis van hoed?
hoed betekent: (hoofddeksel) een hoofddeksel
Betekenis
- (hoofddeksel) een hoofddeksel
- (mycologie) het bovenste gedeelte van het vruchtlichaam van een zwam
- (dierkunde) het koepelvormige deel van een kwal
- (medisch), (letterwoord) huisartsen onder een dak, een vorm van groepspraktijk
Voorbeelden van "hoed" in een zin
- De man droeg een hoge hoed.
- ' Misschien kan ik van de gordijnen een hoed laten maken, denkt ze, terwijl ze ze openschuift.
- Ik wil om een gulden wedden dat Frans de grootste hoed van alle aanwezigen draagt, en dat hij die van Agnes moest opzetten.
Betekenis en uitleg van hoed
Een hoed is een kledingstuk dat je op je hoofd draagt, vaak voor bescherming tegen de zon of kou, maar ook als modeaccessoire. Hoeden komen in verschillende stijlen en vormen, van praktische petten tot elegante strohoeden.
Het woord 'hoed' wordt vaak gebruikt in de context van mode en persoonlijke stijl. Je kunt een hoed dragen tijdens een zonnige dag op het strand, of juist bij een formele gelegenheid zoals een bruiloft. In sommige gevallen kan een hoed ook een symbolische betekenis hebben, zoals een hoed die een bepaalde status of rol aanduidt.
Voorbeelden
- Tijdens de zomervakantie droeg ik elke dag een hoed om mijn gezicht te beschermen tegen de felle zon.
- Op het gala verscheen ze in een prachtige jurk, compleet met een bijpassende hoed die haar outfit perfect aanvulde.
- De oude man op het bankje droeg een versleten hoed die hem een zekere charme gaf.
Woordoorsprong
Het woord 'hoed' komt van het Middelnederlandse 'hode', dat verwant is aan het Oudhoogduitse 'huota', wat ook hoofddeksel betekent.
Veelgestelde vragen over hoed
Wat is de betekenis van hoed?
hoed betekent: (hoofddeksel) een hoofddeksel
Hoeveel betekenissen heeft hoed?
hoed heeft 4 verschillende betekenissen in het Nederlands. Zie hierboven voor alle definities.
Welk woordgeslacht heeft hoed?
hoed is een mannelijk (de).
Hoe gebruik je hoed in een zin?
Voorbeeld: “De man droeg een hoge hoed.”
Etymologie
*van Middelnederlands "hoet", in de betekenis van ‘hoofddeksel’ aangetroffen vanaf 1253
Uitdrukkingen
- aprilletje zoet geeft ook nog weleens een witte hoed
- aprilletje zoet heeft ook nog weleens een witte hoed
- aprilletje zoet sneeuwt nog wel een witte hoed
- Ergens bewondering voor hebben
- Hij is zeer stil en gedwee
- Hij weigert om iemand te groeten
- Heel erg schrikken van iets
- Die schat ik niet hoog in