homeopaat

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. beroep (beroep) aanhanger of beoefenaar van de homeopathische geneeswijze

Etymologie

*afgeleid van het Oudgrieks: ὅμοιος, 'homoios', (gelijksoortig)

Vertalingen

Engelshomeopath, homeopathist
Franshoméopathe
DuitsHomöopath
Spaanshomeópata