Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.

hondenzweepworm

mannelijk (de)/plaatshouder taxonomie/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. wormen (wormen) een parasitaire rondworm. die bij honden kan voorkomen. De vrouwtjes zijn 65–70 mm en de mannetjes 48–56 mm lang. Het voorste gedeelte tot en met de slokdarm is smaller dan het achterste, dikkere gedeelte, waardoor ze op een zweep lijken. De vrouwtjes hebben een stomp eind en de mannetjes een gekruld eind. De citroenvormige, bruine eieren zijn 80×40 μm groot en hebben aan de polen verdikte dekseltjes. Ze leven van de uitscheidingen van het slijmvlies, waar ze met de voorkant in vastgeschroefd zitten