honderdvijfentwintig

mannelijk/vrouwelijk (de)/ˌhɔndərtˈfɛifənˌtwɪntəx/

Betekenis

telwoord
  1. "125", het getal tussen honderdvierentwintig en honderdzesentwintig, honderd plus vijfentwintig
  2. om een hoeveelheid aan te geven
    De totale kosten bedragen honderdvijfentwintig euro en zevenendertig cent.
  3. om een plaats in een volgorde aan te geven
    We logeerden vlakbij het strand in kamer honderdvijfentwintig van het grootste hotel.
zelfstandig naamwoord
  1. dat wat in een (rang)ordening met 125 is aangeduid
    Als jij honderdvijfentwintig opruimt doe ik de twee kamers daarna wel, want die zijn kleiner.
  2. groep van 125 eenheden
    Die honderdvijfentwintig kunnen onmogelijk een complete brigade met tanks tegenhouden.

Vertalingen

Franscent-vingt-cinq
Duitseinhundertfünfundzwanzig
Italiaanscentoventicinque