hoogmoed

mannelijk (de)/xxxx/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. overschatting van eigen kunnen
    Het is hoogmoed om te denken dat je wel even van die jongen wint.

Etymologie

*Afgeleid van het Middelnederlandse hoochmoet en hômoet, hetgeen is afgeleid van het Middelhoogduitse hochmuot.

Vertalingen

DuitsHochmut
Spaanssoberbia