hoorbaar

ˈhorbar

Wat is de betekenis van hoorbaar?

hoorbaar betekent: dat wat gehoord kan worden

Betekenis

bijvoeglijk naamwoord
  1. woorden met boekreferenties dat wat gehoord kan worden

Voorbeelden van "hoorbaar" in een zin

  • 'Ze hebben die wilde meegenomen,' fluistert ze hoorbaar tegen haar man.
  • Marens stem is nauwelijks hoorbaar en haar hand glijdt van de trapleuning.

Etymologie

Afgeleid van de stam van horen met het achtervoegsel -baar.

Vertalingen

Engelshearable, audible
cyhyglyw