hopbel

mannelijk/vrouwelijk (de)

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. geschubde vruchtkegel om de bloem van de vrouwelijke hopplant
    De terugkeer van kleine familiebrouwerijtjes toont aan dat de Nederlandse biercultuur weer in opkomst is, zegt Hans Wiegel. Zondag krijgt de VVD-coryfee in het Limburgse Gulpen de Gouden Hopbel uitgereikt.
    Straatnamen en de hopbel in het gemeentewapen houden de herinnering aan die periode levend.

Vertalingen

Engelshops, hop cone