Dit woord is niet gevonden in de woordenlijst.
huiseigenaresse
vrouwelijk (de)/ΛhΕysΙiΙ£ΙnaΛrΙsΙ/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- vrouw die een of meer huizen bezitTijdens onze vakantie is de huiseigenaresse een paar keer in het huis geweest, heeft daar Obi gesignaleerd β en meteen aangegeven.
Etymologie
* of afgeleid van "huiseigenaar"
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek