huiveren
/ˈhœyvərə(n)/
Betekenis
werkwoord
- (inerg) rillen van verkilling, afschuw of angstZijn verhaal ademde een uitzichtsloosheid waar ik van huiverde.
- tweede betekenisomschrijvingZin met het huiveren in de tweede betekenis erin.
- enz.
Etymologie
* In de betekenis van ‘rillen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1573
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek