icing

onzijdig (het)

Wat is de betekenis van icing?

icing betekent: (voeding) (kookkunst) eetbare versiering voor taartjes en koekjes

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. voeding, kookkunst (voeding) (kookkunst) eetbare versiering voor taartjes en koekjes

Voorbeelden van "icing" in een zin

  • Met hartjesvormpjes duw je nu in de brownie. Het leukste is om verschillende maten te gebruiken. Decoreer de hartjes met icing en suikerhartjes. Als dit niet met liefde gemaakt is?!

Etymologie

* uit het Engels