impulsbeheersing
vrouwelijk (de)/xxxx/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- (psychologie) het kunnen beheersen van impulsenPoetin, schreef de Republikein, „lijkt te lijden aan enkele neuro/psychologische gezondheidsproblemen”. Juist „deze man, die zich altijd liet voorstaan op de controle van zijn emoties, vertoont nu on-karakteristieke woedeaanvallen en een verlies aan impulsbeheersing”. [https://www.nrc.nl/nieuws/2022/03/07/wat-poetins-oorlog-zo-gevaarlijk-maakt-a4097970 www.nrc.nl (7 mrt 2022)]
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek