inbeslagname
mannelijk/vrouwelijk (de)/ˌɪmbəˈslɑxnamə/
Betekenis
zelfstandig naamwoord
- een civielrechtelijke of strafrechtelijke maatregel die iemand de beschikking over een voorwerp of vermogensrecht ontneemt of beperkt ten behoeve van een ander (het civiele recht) of de maatschappij (het strafrecht)Gezien de omvang van de gevonden partij drugs waren er waarschijnlijk andere personen of groepen bij betrokken, die door de inbeslagname een groot verlies hebben geleden.Het Parool MAARTEN VAN DUN EN PAUL VUGTS 18 MEI 2017, [https://www.parool.nl/amsterdam/justitie-vreest-voor-veiligheid-drugscrimineel~a4495633/ Justitie vreest voor veiligheid drugscrimineel ]De inbeslagname heeft in de visie van justitie een schat aan bewijs opgeleverd tegen vele criminelen. De aanklagers in de zaak tegen 'Noffel' zien in het uit de server opgediepte mailverkeer volop bewijs dat hij de smartphone gebruikte waarmee de moordpoging werd aangestuurd.Het Parool PAUL VUGTS 7 MAART 2018 [https://www.parool.nl/amsterdam/advocaat-noffel-wraakt-rechters-in-strafzaak~a4578553/ Advocaat 'Noffel'wraakt rechters in strafzaak]
Etymologie
* afleiding van in beslag nemen
Bron: OpenTaal & WikiWoordenboek