inbeslagneming

vrouwelijk (de)/ˌɪmbəˈslɑxnemɪŋ/

Betekenis

zelfstandig naamwoord
  1. juridisch (juridisch) een civielrechtelijke of strafrechtelijke maatregel die iemand de beschikking over een voorwerp of vermogensrecht ontneemt of beperkt ten behoeve van een ander (het civiele recht) of de maatschappij (het strafrecht)

Etymologie

*Samenstellende afleiding van in beslag en de stam van nemen

Vertalingen

Spaansembargo, secuestro